| Over de school |
Inhoudsopgave: |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
![]() |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| * Doelen en resultaten | |||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
De wet legt scholen de verplichting op om de resultaten van het onderwijs weer te geven. Daar zijn we ook op ‘de Toermalijn’ toe bereid. Wij vinden het belangrijk dat de gegevens die worden afgedrukt ook goed worden geïnterpreteerd. DOELEN In de meest algemene zin bereiden we de kinderen voor op hun toekomstige rol in de samenleving. In dat verband leren wij hen daartoe noodzakelijke kennis, vaardigheden en attitudes. De belangrijkste leerdoelen ontlenen wij aan door de rijksoverheid geformuleerde kerndoelen. Hierin staat wat kinderen minimaal zouden moeten kennen en kunnen aan het einde van de basisschool. Daarnaast dragen wij als school ook een eigen visie uit. Onze doelstellingen realiseren wij middels vier pedagogische leersituaties: Gesprek Omdat “spreken” de belangrijkste communicatie vormt in relatie met kinderen, vormt het gesprek de basis van waaruit verschillende onderwijsleeractiviteiten ontstaan. Aangezien we de volle waarde van het gesprek willen benutten, besteden we geruime aandacht aan de gesprekstechnieken. Immers, kinderen leren hun gedachten onder woorden brengen en tevens leren ze luisteren naar elkaar. Spel Kinderen ontdekken hun wereld spelenderwijs. Het is van belang dat de kinderen leren van hun ervaringen. Het spel nodigt de kinderen uit en is vertrouwd. De kinderen leren in de vorm van gericht en vrij spel zich te uiten. Werk Via leer- en werkactiviteiten doen de kinderen kennis op over de wereld om hen heen. Daarbij is het van belang dat kinderen leren om hierin zelf initiatieven te nemen, zelfontdekkend bezig te zijn, zelfstandig tot oplossingen te komen en verantwoordelijkheid te dragen; een groeiproces dat continue om aandacht en begeleiding vraagt. Viering Viering heeft al gauw het karakter van “feest”. Binnen onze school heeft het begrip vieren echter een veel bredere en diepere lading. Vieren staat voor het elkaar “deelgenoot maken van bijzondere ervaringen en belevingen”. Dit kunnen feestelijke, fijne, maar ook verdrietige en pijnlijke ervaringen zijn, waarin je met elkaar zoekt naar een manier om er uiting aan te geven. RESULTATEN De afgelopen jaren is ons onderwijs steeds minder klassikaal ingericht. We proberen zoveel mogelijk recht te doen aan verschillen tussen de kinderen. Dit betekent dat op dit moment meer zorgleerlingen binnen de muren van onze school opgevangen (kunnen) worden. Gericht op de cognitieve ontwikkeling van de kinderen (leren van kennis) zien we dat hier binnen het moderne onderwijs minder aandacht besteed wordt dan vroeger. Het gaat er tegenwoordig ook om of de leerlingen de opgedane kennis kunnen toepassen (vaardigheden). Ook gedragsaspecten en volgens welke strategie kinderen leren spelen speelt in het moderne leren een rol. Niet het resultaat alleen is van belang, maar ook het proces, waarlangs de kinderen leren. In een leerlingvolgsysteem houden wij de resultaten en vorderingen van de kinderen bij. Daarnaast wordt in groep 7 een Cito-entreetoets en in groep 8 een Cito-eindtoets afgenomen. De cijfers hieronder geven gemiddelden weer over de totaal gemeten groep omtrent de Cito-eindtoets. Er kunnen geen conclusies getrokken worden over de leerresultaten van individuele kinderen. Het valt ons op dat de grotere verschillen in aanleg tussen de kinderen leiden tot een grotere spreiding in de scores. Dit beïnvloedt het gemiddelde resultaat.
De uitslag van de Cito eindtoets moet u als volgt lezen: de score ligt tussen de 500 en 550 punten. Als een kind 550 punten heeft behaald, dan heeft hij/zij weinig tot geen fouten gemaakt. In het
hoofdstuk “Contacten met Ouders” staat beschreven hoe ouders
worden geïnformeerd over de leervorderingen van hun kinderen. In de bovenbouw (groep 7 & 8) worden de kinderen langzamerhand voorbereid op de overschakeling naar het voortgezet onderwijs. Bevordering van zelfstandigheid; omgaan met planning van werkopdrachten over langere perioden; verantwoordelijkheid dragen voor het maken van boekverslagen, werkstukken en huiswerkopdrachten zijn voorbereidende activiteiten, welke in deze groepen extra aandacht krijgen. Daarom hechten wij belang aan het feit dat kinderen een goede agenda bij zich hebben. Medio mei groep 7 maken de kinderen de zgn. CITO-entree toets. De resultaten van de entree-toets gebruiken we om te zien hoe het kind op dat moment ervoor staat. Door middel van deze onafhankelijke toets kunnen we het kind of groepjes kinderen op de onderdelen waarop ze uitvallen extra begeleiden. Tevens hebben we een overzicht van de hele jaargroep waardoor we kunnen zien of op alle gebieden de juiste resultaten zijn geboekt. De resultaten van deze toets worden met ouders samen met hun zoon/dochter, tijdens het derde rapportagegesprek, persoonlijk doorgesproken. In groep 8 start vervolgens het traject schoolkeuze Voortgezet Onderwijs. De scholen in het Voortgezet Onderwijs ontvangen van ons, omtrent elke leerling, het aanmeldingsformulier, de resultaten van de verschillende toetsen, het schooladvies en een onderwijskundig rapport. Tevens proberen we zoveel mogelijk in contact te treden met de desbetreffende scholen, zodat een zo goed mogelijke overdracht plaatsvindt. Bij de schoolkeuze hanteren we het volgende (7) stappenplan:
In onderstaand schema kunt u zien naar welke brugklas in het Voortgezet Onderwijs, de kinderen van de afgelopen vier schooljaren, gegaan zijn.
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||